Bestuurders landbouwvoertuigen moeten nog beter opletten

De verkeersveiligheid in Nederland is de laatste twintig jaar sterk verbeterd. Alleen het aantal ongelukken met landbouwvoertuigen daalt niet. Jaarlijks vallen gemiddeld 16 doden en 100 gewonden bij verkeersongevallen met tractoren, graafmachines en andere specifieke voertuigen. “Het is bijzonder te betreuren dat de slachtoffers van de verkeersongevallen niet de bestuurders zijn maar andere verkeersdeelnemers”, zegt LTO portefeuillehouder Herman van Ham.

Het gegeven dat het aantal ongevallen niet daalt, is voor de Onderzoeksraad voor Veiligheid van voorzitter Pieter van Vollenhoven aanleiding geweest onderzoek te doen naar ongevallen met landbouwvoertuigen op de openbare weg. Doel van het onderzoek was te achterhalen of er sprake is van structurele veiligheidstekorten. “Wij betreuren ten zeerste dat het aantal doden en gewonden in het landbouwverkeer niet daalt. Daar moeten we met z’n allen meer aandacht voor hebben”, reageert LTO portefeuillehouder Herman van Ham. “We lopen niet weg voor onze verantwoordelijkheid. Wij zijn al jaren betrokken bij de Verkeersveiligheidgroep van oud-minister Karla Peijs. In die groep hebben we voorstellen ontwikkeld om de verkeersveiligheid te verbeteren.”

De Onderzoeksraad constateert dat de ongevallen vooral worden veroorzaakt doordat landbouwvoertuigen zelf onveilig zijn vanwege slecht zicht van de bestuurder, dat het voertuig in het donker slecht herkenbaar is en de voertuigen breed en vaak voor hele specifieke werkzaamheden gebouwd zijn. De Raad concludeert verder dat bestuurders van de landbouwvoertuigen onvoldoende rekening houden met de risico’s voor andere verkeersdeelnemers. “Dat kan niet de bedoeling zijn”, zegt Van Ham. “Als we als boeren en tuinders op de openbare weg rijden, dan moeten we ons extra bewust zijn van de risico’s.”

Uit het rapport blijkt dat de Raad het opvallend vindt dat juist in Nederland, waar het verkeer erg druk is en de landbouwvoertuigen de openbare weg moeten delen met andere weggebruikers, zo weinig regels gelden voor deze voertuigen. Zo wordt niet gecontroleerd of een landbouwvoertuig aan de veiligheidseisen voldoet voordat het wordt toegelaten tot de openbare weg. Bij personenauto’s en vrachtauto’s gebeurt dit wel. “Ik begrijp goed wat de Raad zegt, en snap dat de onderzoekers de parallel leggen met vracht- en personenverkeer, maar zie niet zo veel heil in de voorstellen die de Raad doet . Bijvoorbeeld over het rijbewijs. Om nu nog zeer ervaren mensen examens af te nemen, vind ik niet nodig. Ik kan me voorstellen dat we onervaren bestuurders wel een zwaarder examen laten doen.” LTO bestuurder Van Ham is het wel eens met de gedachte van de Onderzoeksraad om vooral aan ‘de voorkant’ (de ontwerpers en bouwers) Europese afspraken te maken over de eisen die aan de voertuigen gesteld kunnen worden.

Landbouwverkeer staat regelmatig op de agenda van de politiek. De Onderzoeksraad voor Veiligheid vindt dat de nieuwe minister van Infrastructuur en Ruimte ook landbouwvoertuigen onder het regime van de voertuigregelgeving voor andere motorvoertuigen moet brengen. “Het is goed dat er aandacht is voor de verkeersveiligheid en landbouwvoertuigen. De Verkeersveiligheidgroep (Peijs) heeft prima voorstellen om daar handen en voeten aan te geven. Ik geloof niet in extra administratieve lasten”, aldus Van Ham.

Bron: LTO Nederland