Een grote oogst en de nodige zorgen

In de titel ligt de kernachtige samenvatting van de aardappeloogst op dit moment. In de vergadering van de werkgroep Consumptie aardappelen en Uien, gehouden op 12 oktober, werd de situatie in de verschillende delen van ons land besproken. Het beeld is wisselend. Zo heeft Limburg geen zware buien gehad en is alles normaal verlopen, in Groningen en het Noord Oostelijk zandgebied echter moet nog 15 tot 40% gerooid worden. In het zuidwesten zitten de aardappelen achter de planken. Daar werd een redelijke oogst binnen gereden, in de andere delen van ons land is er sprake van een topoogst zowel in tonnen als in de maat.

In de gebieden waar nog veel geoogst moet worden zijn de zorgen heel direct gericht op het kunnen rijden met de machines en op de kwaliteit van het product dat de grond uitkomt. Daar waar in juli zware buien vielen lijken de problemen nu mee te vallen. De rotte knollen komen niet mee naar binnen. Als gevolg van buien in augustus worden nu de eerste problemen in de bewaring zichtbaar. Het gaat dan om waterrot en roodrot. Een enkele teler die zijn knollen niet voldoende tegen Phythophthora beschermde ervaart nu de problemen in zijn cel. Het lijkt erop dat de combinatie van zeer grote knollen hoog in het bed en onvoldoende knolbescherming in enkele gevallen tot problemen leidt. De werkgroep signaleert dat de problemen met bacterierot toe nemen. Hier wordt een directe link gelegd met de kwaliteit van het pootgoed. Daar waar de aardappelen laat zijn doodgespoten wordt nu geconstateerd dat het OWG in de laatste weken gedaald is. De plant heeft water opgenomen in plaats van zetmeel gemaakt. Alle telers die hun oogst in de schuur hebben besteden veel aandacht aan het proces van inkoelen. Met deskundigheid en zorg zullen de meeste problemen het hoofd geboden kunnen worden, zo is de verwachting. Dit neemt natuurlijk niet weg dat er naast de zorgen voor het product ook zorgen zijn over de prijsvorming. Net als de natuur kun je de markt niet dwingen.

Teun de Waard.