LTO wil doorpakken met moderne gewasbescherming
Advies om natuurlijke bestuivers zoveel mogelijk te ontzien
Telers dienen bij de bescherming van hun gewassen alles uit de kast te halen om bijen en andere wilde bestuivers en natuurlijke vijanden te ontzien. “Daarom hebben we als LTO Nederland een reeks uitgangspunten opgesteld in de vorm van een advies voor een moderne manier van gewasbescherming. Er komen immers steeds meer alternatieve middelen op de markt”, zegt voorzitter Sjaak Langeslag van de LTO-werkgroep gewasbescherming.
Natuurlijke bestuivers als bijen en hommels vervullen een belangrijke rol bij de productie van voedsel en uitgangsmateriaal en vertegenwoordigen daarmee een belangrijke economische waarde voor de Nederlandse land- en tuinbouw. Met het advies aan akkerbouwers, telers van groenten en fruit en bomen- en bollenkwekers wil LTO bereiken dat wanneer bestrijdingsnoodzaak is vastgesteld, een zorgvuldige middelenkeuze en toepassing voorop komen te staan.
Meerdere oorzaken
In de praktijk blijkt dat bestuivers het moeilijk hebben. Hier spelen meerdere oorzaken, zoals bijvoorbeeld parasieten (denk aan de varroamijt) en een verminderd voedselaanbod. Een relatie tussen de recentelijk verhoogde bijensterfte en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen is tot op heden niet aangetoond. Dit is onlangs opnieuw bevestigd door het College voor toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biocïden (Ctgb) bij de herbeoordeling van 55 neonicotinoiden middelen. Overigens zijn wel strengere gebruiksvoorschriften afgekondigd voor dertien middelen.
“De mogelijkheden voor geïntegreerde gewasbescherming worden steeds groter. Langeslag wijst er op dat meer ‘beslissingsondersteunende systemen’ beschikbaar komen om al dan niet middelen in te zetten. Chemische bestrijding is bovendien één van de middelen om gewassen te beschermen, aldus de LTO-bestuurder.
Geïntegreerde bestrijding
In de afgelopen tien, vijftien jaar is op het gebied van chemische gewasbescherming veel gepresteerd, vindt Langeslag. “Aantoonbaar is dat de milieueffecten met meer dan negentig procent zijn verminderd. Er kan nog een schep bovenop, omdat we steeds meer te weten komen over geïntegreerde bestrijding. De LTO-organisaties gaan aan geïntegreerde bestrijding en bescherming van bijen extra aandacht geven in vakpers, tijdens voorlichtingsbijeenkomsten en met behulp van andere communicatiemiddelen.
Langeslag benadrukt het belang dat alle partijen, die telers adviseren over gewasbescherming, dezelfde lijn kiezen van het LTO-advies. Hij noemt onder meer handel- en distributie, afnemers van agrarische producten en ook private adviseurs: “De combinatie van meer kennis én meer mogelijkheden op de markt helpt ons om de gewenste richting te kiezen. Wat ons betreft gaan alle betrokken partijen er aan trekken om dit advies in de praktijk waar te maken.”

